Ezelsbruggetjes over 'naamval'
21 / 24 van 24
-
HIJ HEM AAN HEM
Zo weet je wanneer je de 1ste 2de of 3de naamval moet gebruiken. Kun je het woord vervangen door hij dan is het 1ste naamval, hem 2de naamval, aan hem 3de naamval!
Ingezonden voor duits door: Jessy -
3e en 4e naamval
Deze twee verhaaltjes helpen bij de keuze van 3e of 4e naamval: Diese DREI Schwestern, kommen SEIT vielen Jahren AUS ihrem Dorf BEI jedem Wetter MIT dem Rad ZUR Schule. GEGENUBER den anderen Schulern sind sie NACH so langer Zeit die Schnellsten VON allen. UM VIER Uhr nachts schleicht sich DURCH die enge Gasse FUR dunkle Geschafte GEGEN schlafende Burger der Rauber die Hauser ENTLANG OHNE jedes Gerausch.
Ingezonden voor duits door: E. Dijkman -
Mijn Rat Moet Niezen: 3de naamval
Mijn Rat Moet Niezen= NESE(N)
m v o mv
3 dem der dem den+n
Ingezonden voor duits door: Laura van der Homberg
